Hemoglobinegehalte

Het hemoglobinegehalte (Hb) wordt bepaald om na te gaan of je bloedarmoede hebt. Wanneer het hemoglobinegehalte te laag is, heb je medicatie nodig of moet soms nog vervolgonderzoek plaats vinden.

Na het eerste bloedonderzoek behorend bij het intake gesprek, wordt er nog één of twee keer in de zwangerschap het hemoglobinegehalte bepaald. Hiervoor krijg je dan een laboratoriumformulier mee, waarna je bloed kunt laten prikken bij het afnamelaboratorium van het ETZ. Een te laag hemoglobinegehalte kan – door een verminderd zuurstoftransport in je bloed – zorgen voor klachten van vermoeidheid en hartkloppingen. Bij een (te) laag Hb is het vaak voldoende om er extra op te letten om gezond en gevarieerd te eten. Soms zijn ijzertabletten nodig, die je verloskundige dan voorschrijft.

Belangrijk is een dagelijks goed gevarieerde voeding. Dit is meer van belang, dan je alleen te concentreren op ijzerrijke voeding. Maak dagelijks keuze uit de vier groepen basisvoedingsmiddelen. Dat betekent dat je bij elke maaltijd een product moet gebruiken uit alle vier de groepen:

  • brood, graanproducten, aardappelen, rijst, pasta, peulvruchten
  • groente, fruit
  • melk, melkproducten, kaas, vlees, vis, kip, ei, sojaproducten
  • halvarine, margarine

Drink elke dag anderhalve liter. Gebruik bij iedere maaltijd een bron van vitamine C (fruit, vers vruchtensap, groenten). Drink geen koffie, thee of melk bij de maaltijd. Dit kan ervoor zorgen dat ijzer uit voedingsmiddelen minder goed wordt opgenomen in het lichaam. Melk of melkproducten zijn wel dagelijks nodig. Probeer deze daarom op een ander moment van de dag in te nemen.