Persweeën

Wanneer er tien centimer ontsluiting (volledige ontsluiting) is, gaan de ontsluitingsweeën over in persweeën. Door de grootte van de opening van je baarmoedermond is het hoofdje naar beneden gezakt. Op het hoogtepunt van een wee voel je drang om te drukken. Dit is beginnende persdrang. Je kunt het niet tegenhouden. Het geeft aan dat je kindje naar buiten kan. De persweeën komen meestal om de vijf minuten. Ze zijn heel sterk. Tussendoor heb je net genoeg tijd om even bij te komen. Maak je geen zorgen wanneer je benen gaan trillen: dat komt doordat je spieren zich ontspannen. Het hoort erbij.

Goede persweeën doen al veel werk. Zelf kun je actief mee gaan persen op moment dat de persweeën beginnen en er sprake is van volledige ontsluiting. Pers tijdens een wee met al je kracht mee richting je vagina en anus, alsof je moet poepen. In het begin voel je niet altijd waar je naartoe perst, maar als het hoofdje dieper in je bekken komt, wordt het duidelijker hoe je zo’n perswee kunt gebruiken om mee te persen.

Je kunt meekijken in de spiegel. Als het de bevalling van je eerste kindje is, duurt het vaak wat langer voor je het hoofdje ziet. Het komt bij iedere wee een stukje verder, maar gaat ook steeds weer een klein stukje terug als de wee even wegzakt. Het kindje is dan bezig om het hoofdje door het geboortekanaal te draaien. Gemiddeld pers je bij een eerste kindje zestig minuten. Bij een tweede kindje hoef je meestal minder lang te persen, omdat het geboortekanaal al soepel is gemaakt door het eerste kindje. Je ziet het hoofdje dan al eerder en het komt tijdens een perswee een flink stuk verder.